De termen inheems en autochtoon worden in de groensector met enige regelmaat door elkaar gebruikt. Toch betekenen ze absoluut niet hetzelfde. Vooral wanneer je bezig bent met natuurontwikkeling, biodiversiteit en landschappelijke aanplant is het verschil erg belangrijk. In deze blog nemen we je mee in het verschil tussen autochtone en inhemese planten en wanneer je voor welke keuze kiest.
Wat zijn inheemse planten?
Inheems plantgoed, of wel inheemse planten, zijn planten die van nature in een bepaald land of in een bepaald gebied voorkomen. Het zegt echter niets over de herkomst van de planten, die in sommige gevallen een belangrijke rol kan spelen. Laten we als voorbeeld een meidoorn nemen. De vraagstelling is een inheemse meidoorn. De meidoorn komt hier van nature voor en is dus inheems. Maar, let op! HJt zegt niets over de herkomst waar de meidoorn vandaan mag komen, omdat hier geen herkomstcertificaten bij zitten. De meidoorn is in Zuid-Europa ook inheems, dus met deze vraagstelling zeg je eigenlijk dat de meidoorn overal vandaan mag komen.
Is dat erg? Niet altijd. Het is alleen belangrijk te onthouden welke doelstelling je hebt. Inheemse planten kunnen overal vandaan komen. Stel de meidoorn wordt in Zuid-Europa gehaald, dan zal deze een andere klimaat gewend zijn en een ander bloeiritme hebben. Wanneer we kijken naar het ecosysteem is dit niet wenselijk.
Het is zeker van belang wanneer je hier op let bij subsidieprojecten. Vaak staat in de uitvraag inheems genoemd, maar bedoelen ze uiteindelijk autochtone planten. Dit kan er voor zorgen dat je uiteindelijk subsidie misloopt.
Wat zijn autochtone planten?
Autochoon, plantgoed, of wel autochtone planten gaan een stap verder dan inheemse planten. Autochtone planten komen van nature in een bepaald land of bepaald gebied voor, en hebben zichzelf, zonder invloed van de mens, sinds de laatste ijstijd weten te vermeerderen. Autochtone planten hebben zich door de jaren heen genetisch zo aangepast dat ze thuis horen in ons klimaat, en dit zullen ze ook blijven doen in de toekomst.
Is dan iedere willekeurige boom of struik die er uitziet autochtoon? Nee zo werkt het niet. In de Nederlandse rassenlijst bomen staan alle opstanden (populaties) genoemd. Hier vind je dus verschillende oorsprongen waar deze soorten vandaan komen. De autochtone planten komen dus altijd van zaden uit de geselecteerde opstanden of zaadbronnen door deze lijst. Bij dit plantsoen zit ook altijd een herkomstcertificaat. Het herkomstcertificaat laat zien dat de planten ook echt van de benoemde opstanden komen. Een leverancier moet dit te allen tijde kunnen aantonen.
Het voordeel van het autochtone plantgoed is dat ze beter aangepast zijn aan de lokale omstandigheden en daardoor een grotere overlevingskans hebben. Het zijn dus echt planten van hier, voor hier. Ze zijn aangepast op onze ecosystemen, het bloeiritme en passen bij de lokale insecten en fauna. Ze dragen direct bij aan onze biodiversiteit.
Een duurzame keuze maken
Er is niets goed of fout in wat je kiest. Maar besef wel dat de keuze voor het plantgoed gevolgen kan hebben. Inheems plantsoen is met name voldoende bij een particuliere tuin of sierbeplanting. Ben je bezig met natuurontwikkeling, natuurgebieden, landschappelijke inpassing, ecologische projecten of biodiversiteit dan is autochtoon plantsoen wenselijk.
Maak een bewuste keuze.
Wil je weten welke keuze het beste past bij jouw project of locatie? Neem dan vooral contact met ons op! Wij kijken graag me je mee.