Rosa canina
Rosa canina
De Rosa canina, beter bekend in Nederland als de hondsroos, is de meest voorkomende autochtone rozensoort die wij kennen.
Het is een bladverliezende stuik met doorns. Je ziet de hondsroos vaak terug in heggen, bosranden en als struweel.
De Rosa canina bloeit in juni – juli en krijgt dan prachtige zachtroze bloemen. In de herfst krijg de struik de bekende rozenbottels, die rijk zijn aan vitmaine C en die niet alleen interessant zijn voor dieren.
De rozenbottels worden ook veelvoudig door mensen gebruikt. Kijk alleen al maar naar rozenbottel thee.
Beschikbaar in 15 verschillende herkomsten
0
Kenmerken van de Rosa canina
- Nederlandse naam: hondsroos
- Hoogte: 1 tot 5 meter
- Bladvorm: geveerd, stekelige takken
- Bloei: juni - juli
- Vrucht: oranjerode bottels
- Licht behofte: zon tot halfschaduw
- Grondsoort: voedselrijke, kalkrijke bodems
- Ecologische waarde: nectar- en stuifmeelplant; bottels voor vogels en zoogdieren
- Toepassing: hagen, sierplant, voedselbossen en houtwallen
- Herfstkleur: geel tot oranjerood
Autochtoon
De Rosa canina is beschikbaar in verschillende autochtone herkomsten.
Rozenbottels
De bottels van de hondsroos zijn niet alleen mooi in bloemstukken. Ze zitten ook vol met vitamine C. Je kunt ze gebruik voor thee, siroop en jam.
Weinig eisen
De Rosa canina heeft weinig eisen wat de bodem betreft. Hij groeit vrijwel op alle bodems. Zolang de grond maar niet te nat is.
Regio's waar de Rosa canina thuis hoort:
- Achterhoek
- Brabantse Maasstreek
- Brabantse zand- en leemstreek
- Centrale stuwwallen
- Friese en Groningse zeeklei
- Gelderse Poort
- IJsseldal
- IJsselmeerpolders en Zuiderzeedijken
- Kalkrijke Hollandse duinstreek
- Laagland rivieren
- Limburgs heuvelland
- Limburgse Maasstreek
- Rijk van Nijmegen
- West-Friese en Hollandse zeeklei
- Zuidwestelijke duingronden
- Zuidwestelijke zeekleipolders